Spelregeltest
Spellrregellttest
De norm voor 50/50-scheidsrechters (combinatiescheidsrechters Rayon/Landelijk) was geslaagd met 8 fouten of minder.
1. Ploeg A krijgt de bal voor een inworp toegewezen. Nadat de scheidsrechter de bal op de plaats van de inworp heeft neergelegd, vraagt een speler van ploeg B een vervanging aan. Hieraan kan gevolg worden gegeven. → FOUT
2. Na de laatste vrije worp draait de bal over de ring. Een speler van de verdedigende ploeg tikt de bal in de basket. Er wordt één punt toegekend. → FOUT
3. Het tellen van de acht seconden neemt een aanvang, vanaf het moment dat de bal levend is geworden. → FOUT
4. Speler A5 blesseert zich. Ploeggenoot A4 (ten tijde van de blessure op het speelveld aanwezig en fysiotherapeut van beroep) ziet kans, A5 zo te behandelen, dat hij binnen vijftien seconden weer aan het spel deel kan nemen. A5 hoeft niet te worden vervangen. → GOED
5. Als A3 de bal in zijn handen heet voor de uitvoering van de laatste vrije worp, begaat B4 een onsportieve fout tegen A5, waarna A2 tegen een technische fout aanloopt. De fouten worden geadministreerd waarna de wedstrijd met het afwikkelen van de laatste vrije worp wordt voortgezet. → GOED
6. Tegen een doelende speler A2 wordt een onsportieve fout begaan. Daar de doelpoging succesvol was, dient de wedstrijd te worden voortgezet met een inworp door ploeg A ter hoogte van de middellijn. → FOUT
7. In de eerste verlenging neemt coach A zijn tweede time-out. Hij heeft nu nog een time-out voor alle verlengingen. → FOUT
8. Een bal door speler A2 over de ring gespeeld middels een pass wordt door speler B3 aangeraakt door met zijn arm van onderen door de basket te reiken. Ploeg A krijgt balbezit op de eindlijn. → FOUT
9. Bij een inworp van achter de zijlijn, werpt A3 de bal rechtstreeks door de basket. Ploeg B krijgt de bal voor een inworp ter hoogte van het verlengde van de vrije-worplijn toegewezen. → FOUT
10. B4 begaat in het driepuntsgebied zijn zesde fout (door een onoplettendheid van de scorer na zijn vijfde fout niet vervangen) tegen doelende speler A5. Deze fout telt mee voor de ploegfouten. → GOED
11. Nadat het eindsignaal van het derde kwart heeft geklonken, wordt A3 met een technische fout belast. Na uitvoering van de straf, aan het begin van de vierde periode, wordt de balbezit-pijl niet van richting veranderd. → GOED
12. Tijdens een velddoelpoging van A2, steekt B2 zijn arm van onderen door de basket, waarna hij kans ziet, de van de ring opstuitende bal aan te raken. Dit is legaal. → FOUT
13. Gedurende de laatste twee minuten van de wedstrijd begaat A2 een overtreding van de acht seconden. Ploeg B mag de bal nu ter hoogte van de middellijn, tegenover de wedstrijdtafel, gaan innemen. → FOUT
14. Als de bal na een velddoelpoging van A3 in de lucht is, klinkt het 24- secondensignaal. De nog stijgende bal wordt door B3 aangeraakt en belandt vervolgens in de basket. Het doelpunt wordt afgekeurd. → GOED
15. De scheidsrechter legt de bal t.b.v. de vrije-worpnemer achter de vrije-worplijn neer. Net voordat deze de bal wil oppakken, begaat ploeggenoot A5 (5e ploegfout) een fout tegen B3. De straffen dienen te worden uitgevoerd in de volgorde waarin zij hebben plaatsgevonden. → GOED
16. Op het moment dat ploeg A nog 15 seconden op de schotklok heeft staan, gaan vervangers B8 en A7 met elkaar op de vuist. Nadat de fouten zijn geadministreerd, wordt de wedstrijd met een inworp voor ploeg A voortgezet, met een nieuwe 24-secondenperiode. → FOUT
17. Na een velddoelpoging van A2, gedurende de laatste twee minuten van de wedstrijd, raakt B2 de dalende bal boven de ring (‘Interference’). Een vervanging door A8, die zich al bij de scorer had aangemeld, kan nu worden uitgevoerd. → GOED
18. In plaats van vrije worpen aan A4 toe te kennen, geeft de scheidsrechter ‘Bal zijkant’. A4 windt zich hier zo over op, dat hij hier een technische fout voor krijgt. Hier is sprake van een ‘Speciale situatie’. → FOUT
19. We zijn halverwege het derde kwart en terwijl team A beizg is met een aanval wordt u door een speler van team B geattendeerd op een grote natte plek onder de basket van team B. Deze is een aanval eerder ontstaan. Omdat de natte plek
gevaar oplevert voor de spelers stopt u de wedstrijd en laat u de plek droogmaken. Team A wordt een nieuwe 24- secondenklok toegekend. → GOED
20. In de vierde minuut van het tweede kwart maakt een speler van ploeg B een geldig velddoelpunt. Na dit doelpunt is het de assistent-coach toegestaan, informatie bij de tafel in te winnen. → FOUT
21. Gedurende een vechtpartij verlaten A10 en A11 hun spelersbankgebied en betreden het speelveld. De coach van ploeg A wordt met twee technische fouten belast. → FOUT
22. Het is de scheidsrechter ingeval van een inworp toegestaan, de bal naar de nemer van de inworp te stuiten, als hij zich op een afstand van circa 3,4 meter van de nemer van de inworp bevindt. → GOED
23. Tussen de eerste en tweede vrije worp van A1 wordt er door een ploeggenoot van A1 een fout begaan. Voor de coach van ploeg A is er nu een gelegenheid ontstaan, een vervanging aan te vragen. → FOUT
24. Tijdens de laatste minuut van de verlenging dribbelt guard A5 al vijf seconden op zijn verdedigingshelft als verdediger B6 de bal uit het veld tikt. Team A neemt een time-out. De wedstrijd wordt vervolgd met een balinname door team A bij de
middellijn aan de overzijde van de jurytafel. De bal wordt uit deze inname ontvangen door guard A5 die op zijn verdedigingshelft staat. Team A heeft nu opnieuw acht seconden de tijd om de bal op de aanvalshelft te brengen. → GOED
25. Ploeg A krijgt de bal ten gevolge van een loopovertreding van B4 voor een inworp aan de zijlijn toegewezen. Nog voordat de bal aan A5 voor de inworp ter beschikking is gesteld, begaat A3 een fout tegen B2. Daar de straffen elkaar opheffen, krijgt ploeg B de bal voor een inworp toegewezen. → GOED